Voor degene die de eerste beginselen van het schaakspel onder de knie wil krijgen, zijn er gelukkig vele goede boeken die hem of haar de weg kunnen wijzen. Weinig daarvan kunnen echter bogen op zo'n langdurig en veelvuldig succes als ''Oom Jan'', die sinds zijn verschijning door zijn vehalende schaaklessen een onafzienbare schare schakers aan zich heeft verplicht. ''Oom Jan'' is in de eerste plaats bestemd voor jongeren en liefst voor hen, die nog nooit een schaakstuk hebben aangeraakt en daardoor niets hebben 'af te leren' maar slechts hebben 'aan te leren'. Door de verhaaltrant te gebruiken is het onder andere mogelijk het betrekkelijk willekeurig van de spelregels voor de jeugd aannemelijk en towegankelijk te maken. In negentien hoofdstukken leren Max Euwe en Albert Loon de aspirant-schaker spelenderwijs de geheimen van het schaakspel.
|